lerarentekort loopt langzamer op maar actie blijft nodig

Geplaatst: 05 Dec 2017

Categorie: Nieuws

lerarentekort loopt langzamer op maar actie blijft nodig | Klassekrachten

Nu en in de komende jaren blijft actie hard nodig om een dreigend lerarentekort af te wenden. Wel is er iets meer tijd om de problemen aan te pakken, doordat het tekort langzamer oploopt dan eerder voorspeld. Ministers Van Engelshoven en Slob (Onderwijs) zijn samen met alle betrokkenen hard aan de slag om het tij te keren, zo schrijven ze in een brief aan de Tweede Kamer.

Prognoses lerarentekort

Uit de meest recente cijfers blijkt dat het lerarentekort langzamer groeit dan verwacht. Mensen willen leraar worden, deeltijdleraren gaan meer uren werken en leraren werken langer door na de pensioenngerechtigde leeftijd. Actie blijft nodig, want het lerarentekort groeit wel. Daar werken we hard aan met sociale partners, lerarenopleidingen, schoolbesturen en gemeenten.

Maatregelen om het beroep aantrekkelijker te maken

  • Investering van 430 miljoen voor het verminderen van werkdruk. Samen met scholen en leraren overleggen we hoe het geld het beste besteed kan worden.
  • Investering van 270 miljoen om de salarissen te verbeteren. Werkgevers en bonden onderhandelen over een nieuwe cao.
  • Het collegegeld voor de pabo wordt voor de eerste twee jaar gehalveerd.

Reeds ingezette maatregelen

  • Bevoegde leraren verleiden terug te keren voor de klas. Er is 1,25 miljoen beschikbaar om 500 werkloze leraren terug de klas in te krijgen.
  • Leraren met een deeltijdbaan vragen om meer te gaan werken.
  • Uitbreiding van de regeling om zij-instromers te helpen met hun omscholing (hiervoor is 9,8 miljoen beschikbaar)
  • Meer studenten werven voor de lerarenopleidingen.

Uit de nieuwste arbeidsmarktramingen blijkt dat er bij gelijkblijvende omstandigheden niet in 2020 een tekort is van 4100 fte leraren op de basisschool, maar iets later: in 2022. Het uitstel komt onder meer doordat er weer meer leraren van de lerarenopleiding komen. Ook gaan leraren later met pensioen en zijn deeltijders meer uren gaan werken.

Volgens ministers Van Engelshoven en Slob (Onderwijs) geeft dat iets meer lucht om het tekort tegen te gaan. Het tekort kan worden gezien als de spreekwoordelijke kanarie in de kolenmijn, die aangeeft dat de tekorten voor reguliere banen naderen. Van Engelshoven: ‘Daarom leunen we niet achterover en zijn we al vol aan de slag.’

 

Scholen voelen het nu al

Basisscholen in de grote steden hebben nu al problemen om bij ziekte vervangers te vinden.  De ministers hebben veel waardering voor de oplossingen die besturen en schoolleiders vinden om hiermee om te gaan.

De bewindspersonen benadrukken dat het lerarentekort niet alleen vanuit Den Haag opgelost kan worden. Ook de werkgevers, die gaan over het personeelsbeleid van de scholen, moeten helpen. Net als de lerarenopleidingen en de vakbonden. ‘Alleen als iedereen de zeilen bijzet kunnen we deze uitdaging aangaan’, zegt Slob.

 

Geld voor scholing

De ramingen zijn gebaseerd op cijfers uit 2015. Dat houdt in dat de effecten van de meest recente maatregelen nog niet zijn meegeteld. Het kabinet probeert onder meer om werkloze leraren terug in de klas te krijgen. Daarvoor is per leraar een scholingsbudget van 2500 euro beschikbaar. ‘Extra scholing en begeleiding kan voor sommige leraren net het steuntje in de rug zijn dat ze nodig hebben om terug te keren in het onderwijs’, aldus Slob.

Daarnaast trekken ministers Slob en Van Engelshoven dit jaar in totaal 9,8 miljoen euro uit voor het omscholen van zij-instromers. Dat bedrag is nodig omdat meer mensen dan gedacht interesse hebben om het onderwijs in te stromen. Met het bedrag kan de opleiding voor ruim 490 leraren worden betaald. ‘De interesse van nieuwe instromers in het basisonderwijs is flink gestegen. Maar vooral het mbo profiteert van deze regeling. Daar kunnen ze de vakmensen goed gebruiken voor de klas’, zegt Van Engelshoven.

 

Zekerheid

De ramingen hebben zelf ook een dempend effect. ‘Je weet nu bijna zeker dat je een baan kunt vinden als je voor het onderwijs kiest’, zegt minister Slob. Dat was enkele jaren geleden nog wel anders. Toen zaten veel basisschoolleraren na hun opleiding thuis of moesten ze in een andere sector aan de slag.

 

Kabinet investeert

De maatregelen uit het regeerakkoord moeten er tevens voor zorgen dat het vak aantrekkelijker wordt. Het kabinet trekt 430 miljoen euro uit om samen met leraren en scholen de werkdruk te verminderen en 270 miljoen euro om de salarissen te verbeteren. Ook het collegegeld voor de Pabo wordt het eerste én tweede jaar gehalveerd. ‘Alleen samen met leraren, scholen en vakbonden kunnen we het vak zo aantrekkelijk mogelijk maken. Zodat we jongeren zo veel mogelijk verleiden om leraar te worden’, zegt Slob.

 

Voortgezet onderwijs en mbo

Het voortgezet onderwijs blijft bij onveranderde omstandigheden te maken houden met een lerarentekort. Dat is wel kleiner dan in het basisonderwijs (700 fte leraren in 2022 in het vo). Er zijn een aantal specifieke vakken, waarvoor moeilijk leraren te krijgen zijn. Het gaat dan bijvoorbeeld om de bèta vakken en klassieke talen.

In het mbo moeten scholen de concurrentie aan met de aantrekkende arbeidsmarkt. Voor technische vakmensen is nu zoveel werk, dat het leraarschap het onderspit dreigt te delven. Ook in deze sectoren werkt het ministerie samen met de sociale partners aan het terugdringen van het tekort.

 

Bron: Rijksoverheid

Ga naar het overzicht